WinkelsKlantenservice

Borstvoeding geven: wat kun je verwachten?

Borstvoeding, dat is puur natuur! Deskundigen zijn het erover eens dat borstvoeding de beste voeding voor je kindje is, maar veel aanstaande moeders vinden het best spannend. Kan ik het wel? Doet het geen pijn? En geef ik wel genoeg? Maak je geen zorgen, met wat voorbereiding en hulp lukt het vast. Ontdek hier alles wat je moet weten over het geven van borstvoeding.
Borstvoeding geven: wat kun je verwachten?

Voordelen van borstvoeding

Aan borstvoeding geven zitten verschillende voordelen verbonden.

  • De juiste voedingsstoffen voor je baby. Je baby krijgt door middel van borstvoeding alle voedingsstoffen binnen die hij of zij nodig heeft en ook direct in de juiste samenstelling en hoeveelheid.
  • Versterkt het immuunsysteem. Naast dat moedermelk voedingsstoffen bevat, zitten er ook een boel antilichamen in. Deze helpen met het opbouwen van het immuunsysteem en beschermen je baby de eerste maanden tegen infecties in het maag- en darmkanaal.
  • Je bouwt een band op met je baby. Tijdens het geven van borstvoeding liggen moeder en baby huid tegen huid. Hierdoor wordt het knuffelhormoon oxytocine aangemaakt. Daarnaast werkt dit geknuffel tijdens het voeden ook nog eens rustgevend voor je baby.
  • Borstvoeding is niet alleen goed voor je baby, maar ook voor jou als moeder! Tijdens je zwangerschap krijg je meer lichaamsgewicht. Borstvoeding is de ´sportschool´ die bijdraagt aan gewichtsverlies. Daarbij draagt het ook bij aan het verkleinen van je baarmoeder en is er minder kans op lochia (kraamvloed).
  • Borstvoeding is praktisch. Borstvoeding is niet alleen gezond voor je baby, maar is ook nog eens zeer praktisch. Je moedermelk kost niks, raakt niet uit voorraad en hoeft niet opgewarmd te worden. Daarbij past de samenstelling van je moedermelk zich automatisch aan de behoeften van je baby aan. Zo kun je altijd en overal gemakkelijk je kind voeden, gratis en voor niks!

Zo werkt moedermelk

Je vraagt je misschien af of je wel voldoende borstvoeding hebt. We kunnen je hierin geruststellen. Een van de voordelen van borstvoeding is dat de samenstelling van je melk zich vanzelf aanpast aan de behoeftes van je baby. Bekijk hieronder hoe dat werkt:


1 tot 4 dagen oud

Je baby is net geboren. De melk die je nu aanmaakt is colostrum. Dit is een dikke, gele melk met eiwitten, minerale zouten en vitaminen. Er zitten veel antilichamen in die je baby beschermen tegen infecties.
 

4 tot 15 dagen oud

Na de eerste dagen verandert de colostrum in overgangsmelk. De melk is nu romiger qua textuur en kleur. Er zitten veel vetten, suikers en vitaminen in, waarvan je baby flink zal groeien.
 

Ouder dan 15 dagen

De tijd gaat snel; de eerste 14 dagen zitten er alweer op. Je melk verandert in rijpe melk. Een dikke gele melk, vol met vetten en lipiden. ’s Ochtends, als je baby nog meer honger heeft, heeft je melk automatisch nog meer voedingsstoffen.


De veranderingen in de moedermelk van de eerste twee weken zijn zeer opvallend. Wanneer je kiest voor kunstvoeding, heb je een vaste formule die goed is voor de eerste paar maanden en dus minder inspeelt op de behoeftes van je baby.

Borstvoeding geven

Hoe geef je borstvoeding? Elke vrouw heeft hier in het begin moeite mee. Je moet namelijk oefenen met aanleggen. Leg je je baby niet goed aan de borst? Dan kan je baby niet goed drinken. Neem vooral de tijd om samen naar een fijne houding te zoeken. We helpen je een handje op weg:

Borstvoeding_sfeerbeeld.jpg
  1. Een comfortabele houding: zorg dat je bij het voeden comfortabel en ontspannen zit of ligt. Armleuningen van stoelen of banken kunnen helpen bij het ondersteunen. Soms kan het een tijdje duren voor je kindje genoeg heeft gedronken. Het is belangrijk dat jij dan geen pijn in je nek of schouders krijgt. Een voedingskussen of opgerolde deken helpt om een fijne houding te vinden. Sommige moeders voeden graag in een schommelstoel. Probeer uit wat voor jou en je kindje werkt.
  2. Begin er direct mee: de eerste dagen na de geboorte heeft je kindje een sterke zuigreflex. Begin daarom direct met het geven van borstvoeding. Vooral op de tweede en derde dag is de zuigreflex sterk en stroomt de melk. Wees gerust, in de meeste gevallen komt dit vanzelf goed. De melkproductie wordt door je lichaam aangepast aan de behoefte van je kindje. Dit kan wel enkele dagen duren.
  3. 1 borst per voeding: je kunt per voeding één borst aanbieden. Laat je kindje deze helemaal leeg drinken. Is hij of zij nog hongerig, biedt dan de andere borst ook aan. Begin bij de volgende voeding met de borst die niet leeg gedronken is. Door één borst per keer aan te bieden, verklein je ook de kans op pijnlijke tepels.
  4. Aanleggen: je baby aanleggen doe je met je buik en niet met je borst. Leg het buikje van je baby tegen die van jou aan. Je bent op de juiste hoogte, wanneer je tepel in de richting van de bovenlip of de neus van je baby wijst. Streel vervolgens je tepel over de lippen van je baby, zodat het mondje open gaat. Beweeg je lichaam niet richting je baby, maar druk je baby tegen je aan. Het hoofdje beweegt vanzelf mee waardoor de neus vrij blijft om te ademen en je baby begint met drinken.
  5. Toeschietreflex: tijdens het voeden moet je baby eerst een tijdje zuigen voordat de melk uit je borst komt. Door de aanraking van de tepel, krijgen je hersenen een seintje. Hierdoor komt een hormoon vrij dat zorgt dat de spiertjes bij je melkklieren samentrekken. De melk wordt naar voren gestuwd en komt in het mondje van je kindje. Dit heet de toeschietreflex (TSR). Sommige vrouwen voelen deze reflex als een tinteling in hun tepels.
  6. Geef je kindje de tijd: de melk die eerst vrijkomt is waterig en lest de ergste dorst van je kindje. Hierna komt er melk met meer vet, die je kindje een verzadigd gevoel geeft en zorgt dat hij of zij kan groeien. De overgang van de ene soort melk naar de andere gaat geleidelijk en is bij iedere vrouw anders. Geef je kindje daarom de tijd om te drinken tot hij of zij genoeg heeft.
  7. Geniet van het moment: het voeden is een momentje voor jou en je baby. Neem de tijd en geniet van dit ontspannen moment samen. Voor je het weet, rent je kleintje al in de wereld rond.

Hoe vaak borstvoeding geven?

Gemiddeld geven vrouwen hun baby’s zes tot acht keer per dag borstvoeding, met tussenpozen van ongeveer twee uur. Met een voedingsschema voor je baby, weet je zeker dat jij geen moment vergeet. Wil je baby vaker of minder vaak gevoed worden? Pas je dan aan de behoeftes van je baby aan. Hij of zij kan immers zelf het beste aangeven hoeveel moedermelk hij nodig heeft.


Vooral pasgeboren baby’s willen vaker aan de borst, soms tot wel twaalf keer per dag. Ook tijdens een intensieve groeiperiode kan een baby extra hongerig zijn. Dit wordt ook wel clusteren genoemd. Je kindje wil vaak kleine beetjes drinken of ligt het liefst de hele dag aan de borst. Dit is helemaal normaal en wordt vanzelf weer minder.


Schema borstvoeding

Er zijn geen regels of een voedingsschema voor hoe vaak baby’s een voeding nodig hebben. Voed gewoon zo vaak als je kind aangeeft te willen drinken. De eerste dagen zal de baby ongeveer 10 tot 12 keer om drinken ‘vragen’. Een babymaag is klein en kan dus nog niet zo veel melk per keer aan. Daarom vraagt je baby vooral in het begin heel vaak om melk. Bovendien is melk eten en drinken tegelijk.

Over het algemeen geldt dat je je kunt laten leiden door de behoefte van je kleintje. Kijk niet te veel op de klok als het erom gaat of het tijd is voor een voeding of de lengte van de voeding. Geniet vooral van dit mooie moment samen!

Let op: baby’s die borstvoeding krijgen, hebben de eerste 12 weken 150 microgram aan vitamine K-druppels nodig.
 

Hoelang duurt borstvoeding geven?

Gemiddeld duurt de borstvoeding 15 tot 20 minuten, maar neem ruim de tijd. Zorg dat je baby niet te snel drinkt, want teveel in een korte tijd is niet goed. Is hij of zij erg gulzig? Pas het tempo dan een beetje aan. Dit kun je doen door het zuigen even te onderbreken door een vinger in zijn mondje te stoppen.


Geef je baby in ieder geval genoeg tijd. Aan het begin van de voeding is je melk namelijk waterig. Later verandert de melk in een meer voedzame soort. Dreigt je baby halverwege in slaap te vallen? Probeer hem of haar dan wakker te houden totdat hij genoeg heeft gedronken. Kietel bijvoorbeeld zacht onder de voetjes


Hoeveel borstvoeding moet ik geven?

Het fijne aan borstvoeding is onder andere dat je moedermelk zich vanzelf aanpast naar de behoefte van je baby. De behoefte van je baby wisselt namelijk per dag. Net zoals je zelf de ene dag meer eet en drinkt, dan de andere dag. Vertrouw op de natuur, je kindje is geboren met een natuurlijk gevoel voor honger en verzadiging. Hij voelt daarmee zelf heel goed aan wanneer hij vol zit of juist nog honger heeft.

Fantastisch hoe dat werkt hè? Alles wordt automatisch geregeld door jouw eigen lichaam. Maar hoe weet je of je kindje genoeg krijgt en geen honger heeft? Of juist te veel binnenkrijgt? Wanneer drinkt hij te weinig of te veel en twijfel je over je melkproductie?

Je kunt niet controleren hoeveel moedermelk je kind binnenkrijgt als je de borst geeft. Hoe meer melk je baby drinkt, hoe meer melk jij produceert. Je baby regelt op die manier dus zelf dat hij voldoende melk krijgt. Ben je bang dat je te weinig moedermelk aanmaakt? Schakel een lactatiekundige in.


Heeft je kindje genoeg gedronken?

Als je kindje genoeg heeft gedronken, laat hij de tepel los, valt in slaap of gaat oppervlakkiger zuigen. Blijft je baby na het voeden onrustig of gaat hij op zijn vuistje sabbelen? Bied dan je borst nog een keer aan. Het kan zijn dat hij niet genoeg heeft gehad. Zo weet je of je baby genoeg heeft gedronken:


Check je borsten

Voel het verschil in je borsten. Voor het voeden kun je aan je borsten voelen hoe vol ze zitten. Doe dit na het voeden nog een keer om het verschil te merken. Voor het voeden zijn je borsten wat harder en voel je de volle melkklieren als een soort bobbeltjes. Na het voeden moeten je borsten zacht en soepel zijn. Door dit bij elke voeding te checken, leer je herkennen of je borst goed leeggedronken is.

Mocht je last hebben van pijnlijke, kapotte, vlakke of teruggetrokken tepels, denk dan eens aan tepelhoedjes. Of vraag een lactatiekundige om hulp.


Check de luier

Voeding wordt door het lichaam gebruikt en deels weer afgevoerd via de ontlasting en urine. De luier is dan ook een goede aanwijzing om te zien of je kindje genoeg voeding krijgt. Normaal gesproken heeft je kindje ongeveer zes flinke plasluiers en twee tot drie poepluiers per dag.


Wegen en meten

Vertrouw op je gevoel. Is je kindje alert, tevreden en goed op gewicht? Dan krijgt hij voldoende voeding. Als je twijfelt of je kindje genoeg eet, kun je altijd de huisarts of het consultatiebureau om advies vragen. Laat je kindje sowieso regelmatig wegen en meten om zo de groei bij te houden.
 

Te veel melk

Tussen voedingen door kunnen je borsten overtollige moedermelk afgeven.
Tip: zoogkompressen absorberen de melk en voorkomen vlekken in je kleding.


Je melkproductie verhogen

In bepaalde groeiperiodes vraagt je kindje extra voeding. Door vaker te voeden, stimuleer je de melkproductie. Zo zorg je ervoor dat je aan de behoefte van je kindje kan voldoen. Zorg dat je comfortabel zit of ligt tijdens het voeden en neem de tijd. Met de volgende tips kun je de melkproductie proberen te verhogen:

  • Geef vaker borstvoeding en laat je kindje beslissen wanneer hij genoeg heeft gedronken. Bied bijvoorbeeld beide borsten aan. Zo wordt je melkproductie bijgesteld en ga je meer melk produceren.
  • Zorg ervoor dat je baby tussen de voedingen door voldoende slaapt zodat hij of zij niet tijdens het voeden in slaap valt. Als je kindje niet genoeg en goed zuigt, neemt de melkproductie af.
  • Drink zelf genoeg, minimaal 2 liter per dag. Eet gezond en gevarieerd.
Sfeerbeeld_16_Borstvoeding-hoe-lang-hoeveel-kolven.png

Hoelang geef je borstvoeding?

Er wordt geadviseerd om minimaal zes maanden borstvoeding te geven. Vanaf zes maanden begint je kleine namelijk met het eten van vaste voeding. Over het algemeen geven moeders borstvoeding totdat de baby twee jaar oud is. Je kunt hier uiteraard ook eerder mee stoppen.

Kolven

Kolven is het opvangen van moedermelk, zodat je baby niet rechtstreeks van de borst drinkt maar via een fles. Vanaf vier weken na de geboorte kun je beginnen met kolven. Je kan je baby dan langzaam laten wennen aan het drinken uit een flesje. Op deze manier kunnen je partner, opa of oma ook de voeding een keer overnemen. Daarbij is kolven ook zeer handig als je te veel moedermelk hebt aangemaakt en er een te hoge spanning op je borsten staat.

Leestip:  hier lees je meer over hoe je je moedermelk kunt bewaren.


Borstvoeding afbouwen

Borstvoeding afbouwen doe je geleidelijk en langzaam. Op deze manier voorkom je verstoppingen in de melkkanalen die voor borstontsteking zorgen. Door de borstvoeding rustig af te bouwen, komt er steeds meer tijd tussen het legen van je borsten waardoor de melkproductie afneemt en uiteindelijk wegblijft.


Zorg goed voor jezelf en je borsten

Als je borstvoeding geeft, is het belangrijk dat je goed voor jezelf zorgt. De volgende tips helpen je hierbij:

  • Spoel je tepels één keer per dag af met water en houd ze goed droog en schoon. Laat je tepels na het voeden aan de lucht drogen, voor je je bh weer aantrekt. Zo voorkom je tepelkloven.
  • Last van pijnlijke tepels? Bied je kindje dan elke voeding één borst aan in plaats van twee. Zo heeft de ander even rust.
  • Gebruik warme zoogkompressen voor een betere doorstroming van de melk en koude kompressen om eventuele pijn te verzachten. Lees hier meer over zoogkompressen.
  • Heb je spanning op je borsten? Je maakt waarschijnlijk op dat moment meer melk aan dan je baby nodig heeft. Je kunt proberen om een beetje melk af te kolven om de spanning in je borsten te verlichten.
  • Zorg dat je voldoende drinkt en rust neemt. Drink bijvoorbeeld tijdens de borstvoeding een groot glas water. Veel water drinken verkleint ook de kans dat je hoofdpijn krijgt.
  • Ben je verkouden of heb je griep? Geen probleem. Via de melk krijgt je kindje de antistoffen binnen die je lichaam aanmaakt en is hij beschermd. Je kan gewoon borstvoeding blijven geven. Mogelijk heb je zelf minder honger en dorst en komt er minder melk. Probeer toch regelmatig wat te eten en drinken en rust voldoende. Zo hou je voldoende voeding voor je kindje.

Hier lees je meer over hoe je goed voor jezelf zorgt als je borstvoeding geeft


Vraag gerust om hulp

Lukt het niet of ben je onzeker? Vraag gerust om hulp! Veel moeders vinden borstvoeding geven in het begin lastig. Of het lukt niet vanwege problemen. De kraamhulp of verpleegkundige kan je beslist helpen. Ook is de steun van je partner belangrijk. Blijf zelf rustig en geduldig. Het kan soms even tijd kosten voor het goed gaat en soms lukt helemaal niet. Maak je daar geen zorgen over. Maar als het wel lukt krijgt je kindje wel het beste van het beste!

Tip: zit je kraamweek erop en heb je nog vragen? Dan kun je ook terecht bij een lactatiedeskundige. Dit is echt een deskundige op het gebied van borstvoeding. Eén afspraak kan er al voor zorgen dat je meer kunt genieten van de borstvoeding. De lactatiedeskundige wordt vaak vergoed door de zorgverzekering. Check dit even bij je verzekering.

Dit artikel is voor het laatst bijgewerkt op 19 augustus 2025.

Deze informatie wordt beschikbaar gesteld met als enig doel behulpzame informatie te verstrekken aan bezoekers. Deze informatie heeft geen therapeutische of diagnostische waarde. Ook is de informatie niet bedoeld als vervanging van diensten, informatie of gegevens van artsen, specialisten of andere gediplomeerden en professionals.