BLOG Kruidvat

Zindelijkheidstraining: zo wordt je kindje zindelijk!

Read time: 18 minutes
Posted on: 22/09/2022

Zindelijkheidstraining: zo wordt je kindje zindelijk!

Wil je kindje ineens geen luier meer om omdat dat vies is? Is je dreumes altijd in de buurt als jij naar de wc moet en toont hij of zij wel heel veel interesse in het potje? Dan is het misschien wel tijd voor zindelijkheidstraining. In deze blog lees je hoe je dit aanpakt en ontdek je verschillende nuttige tips om je kindje te helpen bij het droog worden.

Wat betekent zindelijk zijn?

Je kind is zindelijk als het voelt en zelf kan aangeven wanneer het moet plassen of poepen en als het z’n plas of poep ook kan ophouden tot op het potje of de wc. Dit is aan de ene kant een natuurlijk proces: je kindje moet er lichamelijk klaar voor zijn. Aan de andere kant is het ook een vaardigheid die je kind moet leren, net als lopen en praten. Het is belangrijk om je kindje hierin te ondersteunen zodat hij of zij voldoende oefenkansen krijgt tijdens dit leerproces. Je houdt dus het beste de signalen in de gaten die aangeven dat je kleintje klaar is om te beginnen met oefenen.

Op welke leeftijd is je kind zindelijk?

De een wil met achttien maanden al op het potje en de ander draagt nog een luier op de basisschool. Dit is niets om je zorgen over te maken, want elk kind volgt zijn of haar eigen tempo. Gemiddeld gezien zijn kinderen rond de drie jaar overdag zindelijk. Meisjes zijn hierin vaak wat sneller dan jongens.

Scholen verwachten vaak dat je kind droog is wanneer hij of zij start. Is dit nog niet het geval bij je schoolgaande kind of maak je je zorgen? Neem dan contact op met je huisarts of de GGD. Doe dit ook als je kind opeens regelmatig weer ongelukjes heeft.

Op welke leeftijd is je kind ‘s nachts zindelijk?

Nachtzindelijk worden verloopt doorgaans trager dan overdag. De lichamelijke prikkel die je kind laat beseffen dat hij of zij naar de wc moet, komt ’s nachts minder goed door. Op dit proces heb je weinig invloed, het gebeurt gewoon vanzelf. Je moet dus vooral geduldig zijn.

Laat je kind gewoon drinken ’s avonds en maak het zeker niet wakker om ’s nachts op het potje te gaan. Heeft je kind regelmatig een droge luier ’s nachts, bijvoorbeeld vijf opeenvolgende nachten? Dan kan je de luier uitlaten.

Tot de leeftijd van 7 jaar zijn natte luiers ’s nachts niets om je zorgen over te maken. Plast je kind na die leeftijd nog steeds regelmatig in bed of vermoed je dat er meer aan de hand is? Neem dan contact op met je huisarts of de GGD. Blaastraining in combinatie met een plasalarm kunnen dan mogelijks een uitkomst bieden.

Wanneer begin je met zindelijkheidstraining?

Zindelijk worden is een proces dat in verschillende fases verloopt. Je kind krijgt geleidelijk aan meer controle over zijn of haar lichaam.

Fase 1: jonge baby’s tot 12 maanden

Baby’s plassen en poepen onbewust tot wel 20 keer per dag. Dit doen ze zodra hun deels gevulde blaas of darm hiervoor het signaal geeft. Het is dus een lichamelijke reflex en er is nog geen sprake van controle of bewustzijn als het over plassen of poepen gaat. Zindelijkheidstraining is hier dus nog niet aan de orde.

Fase 2: peuters van 1 tot 2 jaar

Vanaf de eerste verjaardag wordt je peuter zich steeds meer bewust van een volle blaas. Je kindje merkt dat het geplast heeft of in een volle luier rondloopt. Je kan je kleintje gerust af en toe meenemen als jij naar de wc gaat en alvast het potje klaarzetten. Samen een kinderboekje lezen over droog worden kan ook fijn zijn. Voor het echte oefenen is het wellicht nog wat te vroeg.

Fase 3: peuters vanaf 2 jaar

Tussen de 2 en 3 jaar krijgt je kindje langzaamaan meer controle en kan het de plas en poep even ophouden tot hij of zij bij de wc of het potje is. Verschillende signalen kunnen erop wijzen dat je kleintje klaar is voor de zindelijkheidstraining.

Signalen dat je kind klaar is voor zindelijkheidstraining

Wanneer je kind precies klaar is voor de zindelijkheidstraining, is moeilijk te voorspellen. De exacte leeftijd is bij ieder kind anders. Wel kan je de verschillende signalen in de gaten houden die erop wijzen dat je kind er mentaal en lichamelijk klaar voor is om droog te worden. De volgende signalen en vaardigheden van je kind kun je herkennen:

• Drogere luiers

• Bewustzijn en besef

• Interesse voor het potje of de wc

• Instructies begrijpen

• Betere motorische vaardigheden

Drogere luiers

Ook al wordt er vaak gesproken over zindelijkheid trainen, je kindje moet wel eerst en vooral fysiek klaar zijn om zindelijk te worden. Dit betekent dat hij of zij de sluitspieren voldoende kan controleren om de plas of poep even op te houden.

De blaas moet bovendien groot genoeg zijn om een redelijke hoeveelheid urine vast te houden. Anders zou je kindje om de haverklap op het potje moeten gaan. Dan slaan plezier en interesse misschien al snel om in afkeer en verveling.

Is aan deze voorwaarden voldaan, dan merk je waarschijnlijk dat de luier van je kindje langer droog blijft dan eerst. Blijft je kindje vaak twee uur achter elkaar droog, dan kan het oefenen beginnen!

Bewustzijn en besef

Hele jonge kinderen poepen en plassen overal en op elk moment zonder dat het ze stoort tijdens hun dagelijkse bezigheden.

Rond de 15 maanden of later zal je kind zich echter anders beginnen te gedragen als het iets in de luier doet. Hij of zij stopt met spelen of kruipt ergens in een hoekje. Sommige kinderen vertellen dan weer dat ze pipi doen of dat hun luier nat of vuil is. Het kan zelfs zijn dat je kindje niet zo dol meer is op zijn of haar luier en hem liefst zo snel mogelijk uitdoet zodra hij of zij nattigheid voelt.

Interesse voor het potje of de wc

Kinderen zijn van nature heel nieuwsgierige aagjes. Dat is net zo met luiers, potjes en de wc. Je kind wil bijvoorbeeld weten wat er in de luier zit en volgt je maar al te graag naar de wc.

Grijp deze interesse aan om de zindelijkheidstraining geleidelijk aan te starten. Zet bijvoorbeeld om te beginnen een potje in de speelkamer of speelhoek zodat je kleintje hier rustig aan kan wennen. Het is in de eerste fase zeker nog niet de bedoeling om meteen volgens een strikt schema op het potje te gaan zitten. Je kan ook samen een mooi boekje lezen over droog worden.

Neem je kind ook regelmatig mee naar de wc als je zelf gaat. Leg hem of haar stap voor stap uit wat mama of papa allemaal doet. Dat is best veel voor zo’n kleine dreumes. Denk maar aan je broek voldoende laten zakken, een velletje wc-papier pakken, doorspoelen, handen wassen enz.

Instructies begrijpen

Het lijkt voor de hand liggend, maar je kindje moet voldoende taalvaardig zijn om eenvoudige instructies te kunnen opvolgen. ‘Ga maar mee naar het potje’ of ‘Doe eerst je luierbroekje naar beneden’ zijn bijvoorbeeld enkele typische aanwijzingen die je kind moet leren begrijpen voordat je kan starten met de zindelijkheidstraining.

Betere motorische vaardigheden

Naast het goed begrijpen van instructies, is het natuurlijk ook belangrijk dat je kindje bepaalde motorische vaardigheden onder de knie heeft. Hij of zij moet vlot kunnen lopen, gaan zitten en weer rechtop staan. Daarnaast moet het ook in staat zijn om een onderbroekje of luierbroekje goed te laten zakken en weer op te trekken.

Zindelijkheidstraining: plan van aanpak

Eindelijk is het dan zover: je kindje wil graag op het potje en zijn of haar luier blijft vaker droog overdag. Tijd dus om echt te beginnen met oefenen! Maar hoe start je met de zindelijkheidstraining en waar moet je op letten? Wij geven je alvast een duwtje richting een luierloos bestaan! Met de volgende stappen in het plan van aanpak is je kindje droog voordat je het beseft.

1. Kies het juiste moment

2. Maak werk van een goede voorbereiding

3. Zorg voor structuur en regelmaat

4. Houd het leuk

5. Wees consequent

6. Blijf geduldig

1. Kies het juiste moment

Je kindje mag dan wel helemaal klaar zijn voor de zindelijkheidstraining, niet elk moment is geschikt om te starten met oefenen.

Kies bij voorkeur een rustigere periode uit, eventueel een vakantieperiode. Zindelijkheidstraining vraagt namelijk wel wat aandacht en inzet, ook als ouder. De lente- en zomermaanden zijn doorgaans populairder omdat je kindje dan gemakkelijk in zijn of haar onder- of oefenbroekje kan rondlopen. Begin niet tijdens ingrijpende periodes in het leven van je kind. Stel bijvoorbeeld de zindelijkheidstraining nog even uit als er net een broertje of zusje bijkomt of als er een verhuizing gepland staat. Je kind heeft dan al genoeg op z’n bordje en dat geldt zeker ook voor jou als ouder.

2. Maak werk van een goede voorbereiding

Een goede voorbereiding is ook hier het halve werk. Luiers zul je minder nodig hebben, maar er komen wel een aantal andere spulletjes voor in de plaats. Deze items zijn bijvoorbeeld heel nuttig of zelfs onmisbaar als je je kindje zindelijk wil maken:

• potje

• wc-brilverkleiner

• oefenbroekjes en onderbroekjes

• matrasbeschermer

Potje

Een goed potje is een handig hulpmiddel tijdens de zindelijkheidstraining. Je kan het overal neerzetten en je neemt het moeiteloos mee als je kindje uit logeren gaat of als jullie een uitje of vakantie gepland hebben. Je kan het potje met je kind uitkiezen, zo voelt je kleintje zich echt betrokken bij het hele proces.

Potjes zijn er in allerlei verschillende kleuren, soorten en vormen: met of zonder hoge rugsteun, met of zonder uitneembare binnenpot, potjes met geluid of muziek, potjes in de vorm van een wc en wegwerppotjes voor op reis. Ook het prijskaartje kan heel verschillend zijn.

Stel jezelf de vraag wat je echt belangrijk vindt bij een potje. Een mooi muziekje bij elk plasje klinkt leuk, maar sommige kindjes knappen hierop af of, erger nog, schrikken er zo van dat ze niet meer op het potje willen.

Een goed potje is zowel comfortabel als stevig. Je kind kan met beide voeten op de grond steunen en zijn of haar knietjes komen ongeveer ter hoogte van de heupen. Potjes met een anti-sliprand kunnen ook handig zijn omdat ze stevig blijven staan. Neem zeker een kijkje in onze webshop waar vaak leuke potjes te koop zijn voor een Kruidvat prijsje.

Wc-brilverkleiner

Is je kindje al wat te groot om comfortabel op het potje te zitten of gaat hij of zij het liefst op de gewone wc, net zoals mama en papa? In dat geval is een wc-brilverkleiner een goed idee. Gebruik de verkleiner altijd in combinatie met een opstapje zodat je peuter gemakkelijk zelf naar de wc kan gaan. Wc-brilverkleiners en opstapjes vind je ook regelmatig terug in onze webshop.

Een bijkomend voordeel van een wc-brilverkleiner is dat alle plas en poep meteen in de toiletpot valt. Dat scheelt dus best wat schoonmaakwerk.

Oefenbroekjes en onderbroekjes

Zodra de zindelijkheidstraining start, is het het beste om de luier of het luierbroekje overdag uit te laten en een oefenbroekje of onderbroekje aan te trekken. Tegenwoordig zijn luiers namelijk ultra-absorberend, waardoor je kindje niet snel nattigheid voelt. Je kan er ook altijd voor kiezen om je kleintje gewoon in zijn of haar blootje te laten rondrennen, maar dan moet je de eventuele plas of poep op de parketvloer of de badkamermat er wel bijnemen.

Ter vervanging van de luier kan je kiezen voor onderbroekjes of oefenbroekjes. Deze laatste hebben als voordeel dat ze een speciale absorberende kern hebben. Hierdoor voelt je kindje wel dat het broekje nat wordt, maar lekt het niet gelijk door.

Matrasbeschermer

Nachtzindelijkheid vraagt wat meer tijd en geduld, maar je kan wel alvast de nodige voorbereidingen treffen. Leg bijvoorbeeld een matrasbeschermer op het bed van je kind. Zo voorkom je dat er lelijke vlekken ontstaan in het matras. De DryNites Bed Mats Matrasbeschermers zijn ideaal als extra bescherming en voelen aan als zacht katoen. Ook de zachte en comfortabele Kruidvat Matrasbeschermers beschermen perfect tegen plasongelukjes.

Bedenk ook dat je bepaalde zaken zoals een eet- of autostoel of de zitbank in de woonkamer voorziet van een extra beschermlaag, aangezien deze niet altijd even goed schoon te maken zijn. Een waterdichte doek kan hier een handige oplossing zijn.

3. Zorg voor structuur en regelmaat

Of het nu gaat over slapengaan, maaltijden of potjestraining, je kind heeft veel baat bij voldoende structuur en regelmaat.

Zet je kleintje dus op vaste tijdstippen op het potje of de wc, bijvoorbeeld bij het opstaan, na de maaltijden en voor het slapengaan. Laat dit niet over aan je kind zelf. Een peuter kan immers best koppig zijn en zal op vragen zoals ‘Kom je op het potje?’ al snel ‘nee’ antwoorden. Zeg dus liever ‘Nu we klaar zijn met eten, gaan we nog even op het potje’.

Door die regelmaat aan te houden, loop je ook minder risico op ongelukjes. Je kindje heeft tijdens het spelen niet altijd aandacht voor een volle blaas, waardoor een ongelukje al snel gebeurd is.

Natuurlijk bied je het potje ook aan als je kindje hierom vraagt of als je duidelijk merkt dat hij of zij moet plassen of poepen.

Tip: Zet je kind niet te vaak of te lang op het potje of de wc. Wacht minstens 1,5 à 2 uur tussen elk toiletbezoek, behalve als je kind er zelf om vraagt of als je duidelijk merkt dat hij of zij hoognodig moet. Enkele minuutjes op het potje zijn ruim voldoende.

4. Houd het leuk

Oefenen moet vooral leuk en speels blijven voor je kind. Verwacht niet te veel of te snel resultaat en blijf steeds positief, ook na het zoveelste ongelukje of onderbroekje vol poep. Hier kan je het beste niet te veel aandacht aan besteden. Vertel je kind dat een ongelukje niet erg is en dat hij of zij de volgende keer vast wel weer een plasje doet op het potje of de wc. Focus vooral op de dingen die wel goed gaan.

Je kan er eventueel voor kiezen om met een beloningssysteem te werken. Maak bijvoorbeeld samen een potjeskalender of een beloningskaart en laat je peuter elke keer een sticker plakken als hij of zij in het potje plast of poept.

Tip: Houd rekening met het karakter van je kind. Sommige kinderen fleuren op als je luid bravo roept na een plasje. Anderen zijn helemaal niet zo dol op al die aandacht en worden het liefst met rust gelaten. Jij kent je kindje het best, houd dus ook rekening met zijn of haar karakter. Zo verloopt de zindelijkheidstraining voor iedereen op een leuke en ontspannen manier.

5. Wees consequent

Een drukke dag op het werk, een dagje logeren bij oma en opa, er zijn altijd momenten waarop de zindelijkheidstraining even wat minder goed uitkomt. Ook dan is het wel belangrijk om vol te houden. Anders doorbreek je het vaste ritme en geef je je kind het signaal dat het allemaal niet zo heel veel uitmaakt.

Maak dus goede afspraken met de gastouder, de crèche en de grootouders zodat jullie allemaal dezelfde vaste structuur bieden aan je kindje. Probeer ook tijdens een dagje uit of op vakantie hetzelfde ritme aan te houden: even naar het potje of de wc ’s morgens, na elke maaltijd en voor het slapengaan.

6. Blijf geduldig

Zindelijkheidstraining is een proces van vallen en opstaan. Ook als ouder is het niet altijd makkelijk. Je eigenwijze peuter heeft er niet altijd evenveel zin in. Toch is het belangrijk om altijd geduldig te blijven. Zo geef je je kind vertrouwen en laat je hem of haar weten dat het wel zal lukken. Als je je druk maakt of boos wordt, dan heeft je kind dit snel door en kan het dit gevoel zelfs overnemen. Dan gaat het de hele potjestraining misschien als een nare ervaring beschouwen. Dit wil je natuurlijk vermijden.

Tip: Wees blij met elke kleine stap. Wil je kindje alleen op het potje gaan zitten zonder verder iets te doen? Dat is helemaal prima!

Wat als zindelijk worden niet zo vlot gaat?

Net zoals bij elk leerproces, is het onvermijdelijk dat je ook bij de zindelijkheidstraining af en toe tegen een probleem aanloopt. We zetten hieronder enkele struikelblokken voor je op een rij en geven je tips over hoe je hier het beste mee omgaat.

Mijn kind toont helemaal geen interesse in het potje of de wc

Ieder kind leert en groeit op zijn of haar eigen tempo. Als je kind absoluut geen interesse heeft voor het potje, stel je het oefenen nog even uit. Het is wel belangrijk om je kind te laten kennismaken met het potje en de wc. Forceer dit niet, maar vertel je peuter af en toe waarvoor het potje gebruikt wordt. Zet beer of pop er ook eens op en lees samen boekjes over zindelijk worden. Neem je kind ook mee als je zelf naar de wc gaat. Vroeg of laat willen de meeste peuters net zoals mama of papa doen.

Mijn kind is bang voor het potje

Als je kindje weigert om op het potje te gaan en het grote gat van de wc maar niets vindt, dan neem je dit het beste serieus. Wuif de angst niet te snel weg, maar praat erover met je kind en probeer te ontdekken waarom hij of zij zo bang is. Leg eenvoudig en duidelijk uit wat er precies gebeurt als je de wc doorspoelt en laat merken dat je de angst van je kind begrijpt, zonder hierin mee te gaan.

Forceer je kind zeker niet, want dit leidt toch nog meer afkeer en kan problemen zoals ophouden en obstipatie in de hand werken.

Let ook op je taalgebruik: bestempel poep zeker niet als ‘vies’ want dan wil je peuter er wellicht helemaal niet mee geconfronteerd worden in het potje.

Mijn kind wil wel plassen maar niet poepen op het potje

Dit is een veelvoorkomend probleem bij peuters. Ze kunnen de stoelgang wel controleren, maar vinden het toch nog wat eng om de poep als het ware ‘af te staan’ aan het potje. Probeer dus je kind zo veel mogelijk positief aan te moedigen en beloon elke kleine stap: met de luier aan poepen op het potje, dan de luier in het potje leggen en deze ten slotte weglaten.

Ook hier is het van belang om je kind niet onder druk te zetten en zeker niet boos te worden. Dit kan er immers voor zorgen dat je kleintje de stoelgang ophoudt, wat kan leiden tot obstipatie met alle mogelijke nare gevolgen zoals harde en pijnlijke ontlasting. Hierdoor kan je kind in een vervelende vicieuze cirkel terechtkomen waarbij het de ontlasting nog meer ophoudt omdat poepen vaak pijnlijk wordt.

Mijn kind heeft plots weer verschillende ongelukjes hoewel het een hele periode droog was

Leren doe je met vallen en opstaan. Een terugval bij het oefenen is dus zeker niet vreemd. Misschien staan er wel spannende dingen te gebeuren voor je kind, zoals een verhuizing, een broertje of zusje of een eerste schooldag. Ook bij minder fijne gebeurtenissen zoals een scheiding of een overlijden van een familielid is een terugval in de zindelijkheid normaal.

Blijf geduldig en maak je zeker niet druk. Ook voor je kind is een terugval niet fijn. Zoek uit wat de oorzaak is en maak vervolgens een frisse start met het oefenen.

Helpen de bovenstaande tips niet, maak je je zorgen of merk je dat je kindje verstopt zit? Neem dan zeker contact op met je huisarts.

Zo pak je de zindelijkheidstraining aan!

Wil je kleintje die vieze luier liever kwijt en staat het te trappelen om voortaan op het potje te gaan? Hoog tijd voor zindelijkheidstraining! Met het plan van aanpak en de tips uit deze blog weet jij vanaf nu hoe je je kindje het beste begeleidt bij het droog worden. Voor je het weet, zijn die luiers verleden tijd!

Deze informatie wordt beschikbaar gesteld met als enig doel behulpzame informatie te verstrekken aan bezoekers. Deze informatie heeft geen therapeutische of diagnostische waarde. Ook is de informatie niet bedoeld als vervanging van diensten, informatie of gegevens van artsen, specialisten of andere gediplomeerden en professionals.

left arrow left arrow
Showing > of results

Dit artikel is voor het laatste bijgewerkt op 2 september 2022

Bronnen:

https://www.oudersvannu.nl/peuter/zindelijkheid/
https://www.id-direct.com/blog/nl/zindelijkheidstraining-kind-met-autisme/
https://www.kindengezin.be/nl/thema/ontwikkeling-en-gedrag/zindelijkheid
https://www.opvoeden.nl/zindelijkheid-749/

close

Previous

Hoestende baby: wat kun je doen?
close

Next

Regeldagen baby: van groeispurt tot clusteren